(reportage uit Panorama, juni 2008)
“Ik heb nog wel vaak nachtmerries, dat ik gillend wakker word,” zegt José van Eerdt uit Rijen. Ze zat 350 dagen onschuldig vast voor de zogenaamde maïsmoord, nu is ze vrijgesproken. De officier van justitie gaf toe dat het niet zo had gemoeten, “maar wat koop ik daarvoor? De laatste drie maanden zat ik in Limburg en kon ik mijn zoontje helemáál niet meer zien.”
“De eerste weken na mijn vrijlating kwam ik het huis niet uit. Ik woonde tijdelijk bij een vriendin voor ik weer in mijn eigen woning kon, maar ik zag er tegenop andere mensen te zien. Als je binnen zit staat het leven stil, buiten draait alles door, dat is een heel vreemde ervaring,” zegt José (33). Sinds augustus 2006 is haar tot dan toe tamelijk rustig verlopen leventje flink door elkaar geschud. Het begon ermee dat haar nieuwe vriend haar ’s nachts van huis haalde voor een ontmoeting met ene John, van wie ze nog geld tegoed hadden. Het was dringend. Alleen: John bestond niet, alleen in het hoofd van pathologisch leugenaar Freddy, maar dat wist José toen nog niet. Freddy reed naar een maïsveld bij Chaam, stapte uit en sneed de daar eerder door hem voor dood neergelegde Belgische Marita Schoenmaekers de keel door. José mocht niks tegen de politie zeggen, anders zou hij haar zoontje Benjamin iets aandoen. Als Freddy later als verdachte wordt aangehouden breekt het José op dat ze in eerste instantie, uit angst, bij de politie niet de waarheid heeft verteld.
Bijna een jaar lang vertoefde José in huizen van bewaring, waarbij ze vooral haar zoontje verschrikkelijk miste. Tot grote frustratie van haar en haar advocaat Willem-Jan Ausma werd het voorarrest telkens verlengd.
De meest bizarre ervaring was dat ze zeven weken lang tegelijk met Freddy werd opgesloten in het Pieter Baan Centrum in Utrecht, waar een psychiatrisch rapport van hen zou worden gemaakt. Freddy werkte nergens aan mee, maar de onderzoekers wilden wel graag de interactie tussen hen tweeën beoordelen.
José: “We zaten daar met in totaal zo’n twaalf mensen, we werden de hele tijd geobserveerd door medewerkers en met camera’s. Ik kwam ’s morgens binnen om koffie te halen, zei Freddy: ‘Ik heb al koffie voor je gehaald’. Wat denkt hij wel, na alles wat hij mij heeft aangedaan, dat ik koffie van hem wil? Het had niet veel gescheeld of ik had die hele pot naar z’n kop gegooid. Ik heb hem flink uitgefoeterd. Achterlijke idioot, hij had tbs moeten krijgen. Zei zo’n begeleider dat ik me moest inhouden, anders kon ik nog wel eens tbs krijgen. Ik heb gezegd: als ik vriendelijk naar hem zou doen, dán zou je mij tbs moeten geven, maar het is toch normaal dat ik kwaad op hem ben? Ik zou hem heus niet echt iets aandoen, maar verbaal was ik behoorlijk agressief. Vroeg zo’n pastoor aan mij wat ik vond dat er moest gebeuren toen Freddy last had van buikpijn. Ik zei: laat-ie van een flat springen, dan is hij er in één keer vanaf.”
Waar José met haar verstand ook niet helemaal bij kan is de naïviteit van de observators. Je zou zeggen dat ze daar toch enige kijk zouden moeten hebben op pathologische leugenaars, maar dat viel tegen. José: “Het heeft bij mij ook wel een tijd geduurd voor ik het in de gaten had, maar ik ben geen deskundige. Freddy had verteld dat hij een huis in Hongarije had. Daar zouden we in september 2006 naar toe. Maar het was nergens te vinden. Freddy wist precies hoe het eruit zag, de kleur tegels, alle details, je zag het zo voor je. We hebben drie dagen in dat dorpje, Testafurat, rondgereden. Ook de mevrouw die zijn bankzaken regelde was foetsie. We zijn bij de bank geweest, daar had Freddy een rekening lopen. Bij de bank wisten ze van niks. “Die vrouw zal ‘m wel geplunderd hebben,” zei Freddy, maar dan zou zijn naam daar toch bekend moeten zijn. Hij wist waar die mevrouw woonde. Zijn we ook heel vaak langs gereden, maar ze was nooit thuis: als haar blauw-witte fiets niet buiten stond, was ze er niet. Volgens Freddy. Hij had ook paarden voor mij gekocht. Zeven witte paarden. Ze liepen daar in de buurt, bij een boerderij met een rieten dak. Nergens te vinden. In totaal hebben we vijfduizend kilometer gereden en niks gevonden: geen huis, geen bankrekening en geen paarden. Die paarden zullen nu wel dood zijn, als ze zolang niks te vreten hebben gehad. Zijn familie gelooft nog steeds in die onzin. Hij vertelde zijn vader dat hij het huis in Hongarije wel gevonden had, maar dat hij niet wilde dat ik het zag. In het Pieter Baan Centrum begon hij óók weer over dat huis in Hongarije, ik dacht dat ik gek werd. Ik vroeg aan die begeleiders: geloven jullie dat nou? ‘Waarom niet?’ zeiden ze.”
In zo’n Pieter Baan Centrum maak je wat mee...
“Er zat een man die zei dat hij zat voor schieten, maar dat bleek dus voor kindermisbruik. Er was een echtpaar dat vastzat voor moord: de man had de stalker van zijn vrouw in brand gestoken, ze wilden kijken of zij er ook iets mee te maken had gehad. Er zat een man die de hele nacht treingeluiden zat te maken: tjoeketjoeke. Eerst kun je daar nog wel om lachen, maar op den duur gaat dat toch knap irriteren.”
Freddy is na een eis van 24 jaar veroordeeld tot een gevangenisstraf van 18 jaar. Het feit dat hij niet heeft meegewerkt aan het psychiatrisch onderzoek waardoor hij geen tbs kon krijgen, heeft daarbij zwaar meegewogen, plus het ‘kalm beraad en rustig overleg’: nadat hij Marita had gewurgd en in een maïsveld had gedumpt ging hij eerst naar huis en sneed haar daarna nog de keel door.
DE MOORD IN HET MAISVELD
Freddy T.(26) uit Gilze is in 2006 barkeeper van bikerscafé de Pitstop in het Belgische Turnhout. Op vrijdavond 26 augustus na sluitingstijd neemt hij om onduidelijke redenen de dronken stamgaste Marita (50) Schoenmakers mee in zijn auto. Vermoedelijk is ze opdringerig geworden en is dat uitgedraaid op een ruzie waarbij Freddy haar in de auto heeft gewurgd. Hij dumpt haar in een maisveld bij Chaam. Op 30 augustus worden Freddy en José als getuigen gehoord. Freddy zegt dat hij om half twaalf die avond al thuis was, José moet dat bevestigen. Zo heeft hij een alibi. José: “Hij zei tegen mij: ‘Je houdt je kop, anders gaat Benjamin eraan!’ Wat moest ik doen?” José kiest eieren voor haar geld, ze doet of het niet gebeurd is. Op 2 september gaat ze samen met Freddy naar Hongarije. Hij zegt dat hij daar een huis heeft. Alleen: ze kunnen het nergens vinden. José begint steeds meer twijfels te krijgen over haar nieuwe vriend. Ze kent hem pas een paar maanden. Ze was met haar auto in de garage geweest, in Gilze. Er zaten wat roestvlekjes aan, Freddy werkte er als monteur. Hij wilde haar daar best mee helpen, het klikte van beide kanten. Ze woonden nog niet samen, maar Freddy logeerde wel geregeld bij haar. Als ze terug zijn uit Hongarije wordt Freddy, op 13 september, in België aangehouden. Hij zegt dat John de moord heeft gepleegd. John is een soort alter ego van Freddy, hij bestaat alleen in Freddy’s fantasie. José wil een eind maken aan de relatie, maar dat gaat zomaar niet: Freddy dwingt haar bij hem op bezoek te blijven komen. Als ze daar wat minder trouw in wordt, krijgt ze onverwacht bezoek. Een onbekende man vertelt haar dat ze weer op bezoek moet gaan en dat hij wel weet waar Benjamin op school zit. Na een fotoconfrontatie blijkt het een ex-celgenoot van Freddy te zijn geweest. Als José toch een eind aan hun relatie maakt, vertelt Freddy dat José de moord heeft gepleegd. Op 28 februari 2007 wordt ze aangehouden. Bijna een jaar later komt ze op vrije voeten, in afwachting van het proces. In juni vraagt de officier van justitie zelf om vrijspraak.
IN HET PBC MET DE A1-MOORDENAARS
In het Pieter Baan Centrum waren José en Freddy niet het enige ‘stel’ dat werd geobserveerd: ook de gedragingen van het echtpaar van de A1-moord uit december 2006 werden onder de loep genomen. José vond het ‘rare mensen. Ze noemden zich Tukkers, ik kon er soms maar weinig van verstaan.’
Erik (42) en Herma (41) van den P. en hun zoons Brian (17) en Dave (19) vermoordden Zwollenaar Roelof P. die tegen zijn vrouw had gezegd dat hij een kerstboom ging kopen, in werkelijkheid had hij een seksdate met Herma. Het Enschedese gezin stond erom bekend op deze manier mannen in de val te lokken. Dit keer ontstond er ruzie, waarbij Erik de Zwollenaar bewusteloos sloeg en hem daarna in de kofferbak van zijn eigen Mercedes legde. Op de parkeerplaats langs de A1 bij Holten staken hij de auto in brand. José: ‘Ik kende de zaak verder niet, maar ik begreep dat hij een stalker had geslagen of geschoten en dat zij het bloed had opgeruimd. Daarna heeft hij hem in de auto gezet en in brand gestoken. Hun twee zonen zaten ook vast. In het Pieter Baan Centrum deden ze voor de begeleiding gewoon vriendelijk naar elkaar, maar een beetje afstandelijk. Zodra er geen begeleiding was waren ze heel close en steunden ze elkaar door dik en dun. Hij nam alle schuld op zich en zij had alleen schoongemaakt. Zo zouden ze dat brengen. Hij vertelde over drugsgebruik (speed), sm-relaties en partnerruil en zo. Het waren een beetje vreemde mensen met erg rare verhalen over sex en zo. Die vrouw vertelde ons dat die man haar al zes jaar stalkte en dat hij er daarom korte metten mee had gemaakt. Ze steunden elkaar echt heel sterk in ieder geval.’ |