Nieuws
Maliesingel 2, 3581 BA Utrecht, Postbus 14129, 3508 SE Utrecht, T 030 605 15 50
Spits / 27 september 2011
 
Mensenhandel in stand gehouden
 

Nederland doet veel te weinig om mensenhandel aan te pakken. Opsporing gebeurt onvoldoende en overheidsinstanties die in geval van misbruik aan de noodklok kunnen trekken, werken allemaal langs elkaar heen. De lage pakkans, gecombineerd met ‘bizar lage’ straffen zorgt ervoor dat mensenhandelaren ongestoord hun wrede en lucratieve werk kunnen uitvoeren in ons land.

Dat is de strekking van Maria Genova’s nieuwste boek ‘Vrouwen te koop. Loverboys, stalkers en seksslavinnen’. Strafpleiter Willem-Jan Ausma, die regelmatig verdachten van mensenhandel vertegenwoordigt, stelt zelfs in het boek dat Nederland mensenhandel in stand houdt.

Betrokken journaliste Genova schreef eerder een boek over een loverboy. Zij kreeg daarop talloze reacties van andere slachtoffers, maar ook van experts bij de politie en de overheid. Die verhalen komen nu samen in haar nieuwe boek. De verslagen van slachtoffers zijn schokkend, maar de verklaringen van de experts van de overheid zijn minstens zo opmerkelijk. Lodewijk Asscher, locoburgemeester van Amsterdam, schrikt ervan hoe slecht mensenhandel aangepakt wordt en hoe weinig toezicht er is op prostituees. „Er zijn meer mensen in dit land die zich bezighouden met het toezicht op de frikadellen in de restaurants dan met toezicht op vrouwen die hun vlees verkopen.”

Gefrustreerd
Het boek beschrijft een vicieuze cirkel. Politiemensen vertrouwen Genova toe dat zij gefrustreerd raken door de lage straffen voor mensenhandel, het weinige geld dat er voor de aanpak beschikbaar is en aangiftes die op het laatste moment worden ingetrokken. Slachtoffers stellen op hun beurt dat zij geen aangifte durven doen uit angst voor hun pooier. Genova sprak meerdere meisjes en vrouwen die niet naar de politie durven ‘omdat die hen toch niet kan beschermen’. „En helaas moet ik ze daar soms gelijk in geven”, zegt de schrijfster.

De business levert de loverboys en andere mensenhandelaren vaak tonnen op, rekent Genova voor. Die verdiensten, gecombineerd met de lage pakkans en lage straffen, maken het een aantrekkelijk beroep voor veel jongens. De schrijfster wil daarom dat er vanuit de politiek actie wordt ondernomen. Want als er niets gebeurt, zegt ook agent Frans in het boek, ‘dan zijn de pooiers de lachende derde’.